Reflectie in Blauw POLITIEWERK BLIJFT MENSENWERK
VERHALEN
DE VLUCHTSTROOK Met mijn maatje stond ik op de vluchtstrook van een van Nederlands drukste autosnelwegen. Even daarvoor waren twee automobilisten met elkaar in botsing gekomen toen ze, in de file, even niet op zaten te letten. De ene remde en de ander stond net even te laat stil. Het gevolg, een aanzienlijke schade aan beide voertuigen en deze moesten worden afgetakeld. Ook beide ego’s van de bestuurders hadden een deukje opgelopen. We hadden beide voertuigen met veel gepiep en gekraak op de vluchtstrook weten te krijgen. Bij de een kwamen er allerlei vloeistoffen onder de motorkap vandaan en stonden de wielen niet helemaal meer zoals ze waren afgeleverd door de fabriek en bij de ander zat het spatbord tegen het wiel. We hadden even geen mogelijkheid om een andere plek te zoeken om de schade te regelen. Wachtend op de takelwagen stonden de betrokkenen de schadeformulieren in te vullen en wij noteerden de gegevens voor ons systeem en de afhandeling. Ons politievoertuig stond keurig in een fend-off positie op enige afstand achter de beide beschadigde voertuigen. Het was in de tijd dat we nog niet overal boven de autosnelwegen matrixborden hadden hangen en we nog geen rode kruizen konden plaatsen.( Die naar mijn gevoel tegenwoordig, door menig automobilist (weggebruiker), wordt gezien als versiering boven de weg en niet als verplichting om de rijstrook te mijden.) Niet ver van de plek waar wij op de vluchtstrook stonden was een afrit en de file begon al op te stropen. Enerzijds sloot men aan in de file die er al was en anderzijds was hetgeen de politie op de vluchtstrook deed toch ook wel heel erg interessant. Zoals altijd stonden we veilig aan de kant. Niet tussen de auto’s in, want je wist maar nooit wat er kon gebeuren. Terwijl we stonden te wachten zagen we een auto via de vluchtstrook ons naderen. De bestuurder stuurde zijn auto met een niet al te lage snelheid langs de file. Met bijna piepende banden en schuivend over het asfalt kwam de auto achter de politiewagen tot stilstand. De bestuurder bleef pontificaal in de auto zitten en maakte drukke bewegingen met zijn armen. Tikte op zijn stuur en keek ons vol spanning aan. Mijn maatje en ik keken elkaar aan met een blik van “wat hebben we nu weer aan onze fiets hangen?”. Ik zeg maatje, maar even voor alle duidelijkheid, hij was nog net iets groter dan ik ben en ongeveer van hetzelfde postuur. Dus zeg eigenlijk maar gewoon maat! Op ons gemak en met ons boekje nog in de hand liepen we richting de bestuurder. Inmiddels had hij zijn auto verlaten en hing nonchalant over het portier. Ongeduldig tikkend op het raam. Dichterbij gekomen kregen we de vraag wat wij in vredesnaam op de vluchtstrook te zoeken hadden. Een beetje verbouwereerd antwoorden we: “We doen ons werk!” Mijn volgende vraag aan de bestuurder van de auto was: “En wat heeft u te zoeken op de vluchtstrook?” Het antwoord was duidelijk. Hij was op weg naar de uitvoegstrook, want hij wilde naar huis en of wij zo vriendelijk wilden zijn om onze politieauto even weg te halen, want dan kon hij er langs! Een verbaasde blik kon ik even niet onderdrukken. Mijn vraag was: “Waarom wilt u dat wij onze auto weghalen? U heeft toch niets te zoeken op de vluchtstrook? Nou, daar wilde hij nog wel even een boompje met ons over opzetten en daar hadden wij nu net even geen tijd voor. Het werd bij deze meneer van kwaad tot erger. Het jij en jouw zeggen door deze man was even niet van de lucht. Daarna verscheen zijn vingertje wijzend in onze richting en bijna tikkend op onze borst. Hij had namelijk rechten! En hij vond dat hij over de vluchtstrook mocht rijden tijdens een file. We verzochten hem vriendelijk doch zeer dringend heel snel in zijn auto te stappen en zijn weg te vervolgen via de normale rijbanen. Maar deze man was van het hardleerse type en hangend tegen zijn auto, met zijn armen over elkaar, hoorde wij hem zeggen: “Halen jullie even jullie auto weg dan!? Zo heel zachtjes aan raakte mijn geduld op! Ik deed een stap naar voren en deelde de man mede dat hij nu toch zelf beter in zijn auto kon stappen en zijn weg kon vervolgen. Licht geïrriteerd hoorde ik de man vragen: “En wat als ik dat nu eens niet wil!” Ik siste de man toe: “Meneer! Ik heb werk te doen! En als ik u was zou ik nu echt heel snel in stappen, anders help ik u een handje!” Ik hoorde mijn collega daaraan toevoegen: “En u wilt door hem echt geen handje worden geholpen.” De man koos eieren voor zijn geld, stapte met veel gemopper en armgebaren in zijn auto. Ik stapte de rijstrook van de snelweg op (waar nog altijd in file werd gereden) en maakte voor de man ruimte zodat hij kon invoegen. Met piepende banden en een hoop herrie vervolgde hij zijn weg. Tot mijn stomme verbazing manoeuvreerde de man zijn auto om onze politieauto en de beschadigde auto’s heen, om vervolgens op volle snelheid weer de vluchtstrook op te schieten en langs de file te rijden richting de afrit! Ik moet zeggen dat ik wel even klaar was met deze man! En wat mij betreft verdiende hij een dikke prent die hij van mij ook keurig thuisgestuurd heeft gekregen! Nadat wij de aanrijding hadden afgehandeld reden we terug naar het bureau en daar werden we onthaald door de Chef van Dienst. Zijn vraag was: “Wat is er in hemelsnaam gebeurd op die vluchtstrook?” Nadat wij even kort hadden uitgelegd wat daar was gebeurd, werd ook voor hem het een en ander duidelijk. Wat was nu het geval? De man die over de vluchtstrook had gereden, had zich beklaagd over het feit dat mijn maatje en ik niet onze politieauto wilde verplaatsen. Ook aan het bureau had hij zich weer misdragen en was verzocht het bureau te verlaten en toen hij dit zelfs weigerde was hij het bureau uitgezet! En volgens mij is hij nooit op tijd thuis gekomen. Automobilisten en andere weggebruikers, de vluchtstrook is echt voor nood en een rijstrook met een rood kruis er boven is echt verboden terrein. Menig hulpverlener staat op de vluchtstrook of op een afgekruiste rijstrook te werken en regelmatig worden de vouwen uit de broeken van deze hulpverleners gereden. De vluchtstrook is ook geen doorgaande weg om bij een file van A naar B te komen. En de vraag of een hulpverlener even zijn auto wil verplaatsen, zodat u er langs kunt…. Tja, wat zal ik daarop zeggen? Op een afgekruiste rijstrook rijden en dan verbaasd zijn dat u met een hulpverlener of zijn voertuig wordt geconfronteerd, dan heb je volgens mij al een aantal slagen gemist!