Reflectie in Blauw POLITIEWERK BLIJFT MENSENWERK
VERHALEN
VLIEGEND ONDERGOED Daar zaten we. Op het dak van een schuurtje te kijken naar hoe de politiehelikopter boven de huizen hing. Laag! Heel laag! Veel wind en veel lawaai. Blauw en wit! Onze collega's die vanuit de lucht alles in de gaten hielden. De mannen en vrouwen van de helikopter. We zaten op het dak van het schuurtje en keken naar de achterkanten van een aantal woningen. Ik zag het wasgoed wapperen aan de waslijn en niet lang daarna zag ik het eerste ondergoed door de lucht vliegen. Met ons team waren we bezig met een van de grootste acties om dealpanden in de wijk te sluiten en de dealers aan te houden. Al maanden waren we bezig met de acties om de overlast van verslaafden, dealers, safehouses en gebruikerspanden aan te pakken en de panden te sluiten. Al jaren hadden we in de wijken last van dit soort randfiguren. Fransen, Belgen en Duitsers kwamen richting de wijk om daar drugs te kopen. Dit gaf dan weer irritaties bij de buurtbewoners die het recht weer in eigen handen wilden nemen. Auto's met buitenlandse kentekens werden gestript of op de zijkant gezet. Regelmatig grepen we als politie in om te voorkomen dat het geheel uit de hand zou lopen. Vaak bleef het dan bij een discussie met ons en heel soms wat duw- en trekwerk. In die periode zaten er in een van de straten zoveel dealpanden dat het leek of heel de straat uit dealpanden of gebruikerspanden bestond. De buurtbewoners hadden veel overlast van de aanloop bij dit soort panden. Veel geweld, schreeuwende en gebruikende junks en zo nu en dan een afrekening in het circuit. Het was tijd voor actie. Tijd om te laten zien dat het menens was. We waren klaar met de overlast op straat en in de panden. Na een zorgvuldige planning, waarbij alles uit de kast werd gehaald, stonden we klaar om tot actie over te gaan. De diverse teams van de verschillende District Ondersteunende Groepen stonden klaar, de helikopter vloog net buiten het gebied, en de grote JAT-bus van de Dienst Justitieel Arrestanten Transport stond een paar straten verderop. Samen met mijn maatje sloop ik door de steegjes achter de woningen. Met een aanloopje, sprongen we tegen een muurtje en pakten we ons vast aan de dakrand van een schuurtje. We trokken onszelf omhoog en knielden op het dak en keken naar de achterkant van de drugspanden. We gaven aan de commandant door dat we in positie zaten en toen was het afwachten. Wachten op hetgeen er komen ging. Via de porto klonken de woorden: “Actie, actie, actie…… Het was zo ver, we gingen van start. In de verte hoorde ik de heli aankomen. Niet veel later verscheen hij in ons gezichtsveld. We zagen hem zakken en het leek alsof hij net boven de nok van het dak stopte. Langs de balkons en in de tuinen ging de wind van de wieken van de helikopter tekeer. De was die aan de waslijnen en de droogrekken hing wapperde in die wind. We bekeken het schouwspel, van de dansende was, vanaf het dak van het schuurtje. En ja…. het duurde niet lang of daar ging het eerste ondergoed door de lucht. Gedragen door de wind van de helikopter viel de onderbroek een paar tuinen verderop op de grond neer. En zo volgde er lingerie, onderbroeken, hemdjes en andere kledingstukken. Ik vraag me af wie ooit zijn eigen ondergoed heeft teruggekregen. De actie was inmiddels in volle gang en wij klommen van het dak van het schuurtje af. Zo kwamen we in de achtertuinen van de woningen terecht. We liepen door de achtertuin in de richting van de achterdeur van de woning. We wilden voorkomen dat er ook maar een dealer of gebruiker via de achterdeur wist te ontsnappen. Terwijl we naar de achterdeur liepen hoor ik dat een van de buurtbewoners vanaf zijn balkon tegen ons riep: “Zeg kijk je wel uit voor de planten?” Ik keek om me heen en het enige wat ik kon ontdekken waren een stel volgroeide brandnetels. Ik riep naar boven: “Meneer! In deze tuin kan een politieman echt geen schade aanrichten!” “Het zijn brandnetels! Brandnetels!” En in mijn gedachten riep ik daar achteraan: “Dit is onkruid! Geen plantjes” Met een zwaai ging de deur open en via de achterdeur probeerde een man te ontkomen aan de collega's die via de voorzijde het pand waren binnengekomen. We vingen de man op en in een vloeiende beweging werkten we hem naar de grond. We fouilleerden hem en troffen bij hem een kleine hoeveelheid verdovende middelen aan. Via de achterdeur, door het gangetje en de voordeur brachten we de man naar de gereedstaande arrestantenbus. Wij gingen het pand weer binnen voor de zoeking. In het pand werden redelijke hoeveelheden verdovende middelen aangetroffen. Uit een van de kamertjes hoorden we vrolijk fluiten. We stelden een onderzoek in en zo vonden we in een kooitje een prachtige gele kanarie. Die ondanks alles gewoon doorging met fluiten. Nu was het gebruikelijk dat na de actie de panden hermetisch werden afgesloten en er niemand meer het pand in mocht. Maar ja, wat doe je met een gekooide kanarie? De dierenambulance was er in die tijd wel, maar niet echt voor de opvang van vogels. We konden maar een ding verzinnen en dat was de kanarie meenemen naar het bureau. En zo heeft er een tijd lang een zingende kanarie, in een kooitje, op de afdeling gestaan. En het ondergoed? Geen idee? Er is in ieder geval nooit iets afgegeven aan het bureau, dus ik denk dat de buurtbewoners gewoon zelf op zoek zijn gegaan naar zijn of haar eigen ondergoed.