Reflectie in Blauw POLITIEWERK BLIJFT MENSENWERK
VERHALEN
EEN LEK RUBBEREN BOOTJE Op een mooie dag in februari reed ik samen met mijn oudere collega door de wijk. Heerlijk genietend van de zon. Het leek wel lente. Terwijl we reden keken we naar de auto’s en het publiek dat ons passeerde. En samen genoten we van de mooie kanten van ons prachtige vak. Ons genieten werd ruw verstoord door de meldkamer. Zij hadden een melding binnengekregen van een drenkeling in een van de grote binnenvaartwegen in ons district. Met toeters en bellen (sirene en zwaailicht) wurmden we ons door het verkeer van de grote stad. Bij de plaats waar de drenkeling in het water zou liggen stonden een aantal mensen op de kade te kijken. Druk zwaaiend en wijzend in de richting van het water waar de persoon in het water zou liggen. Van het publiek op de kade hoorden we dat er een man in het water was gesprongen en naar het midden van de rivier was gezwommen. Daar was hij zo af en toe te zien. Op sommige momenten verdween hij onder water. Op een gegeven moment verscheen de man weer boven water en zwom een stukje, waarna hij weer onder water verdween. Nu was het water te koud om direct in te springen. Het risico dat je, als hulpverlener, zelf onderkoeld raakt in dergelijk water is erg groot. Inmiddels hadden we ook het duikteam van de brandweer laten waarschuwen, alleen moesten die van verder weg komen. Het leek er niet op dat de man niet kon zwemmen, maar meer een bewuste poging deed om zichzelf te verdrinken. De man kwam boven water en liet zichzelf dan weer rustig onder water zakken. Roepen naar de man had geen effect. Hij was duidelijk niet van plan om uit zichzelf naar de kant te komen. We wilden ook niet blijven toekijken hoe de man misschien voorgoed onder water verdween. Het moest toch niet zo moeilijk zijn om een boot te vinden bij dit water. Toch? Tenminste dat dachten we! Er lagen wel twee zeiljachten. En op een van die jachten hing een klein rubberen bootje. En het bootje had ook nog een buitenboordmotor. Kijk! Dat was de oplossing. Dachten we! Nadat we onze vuurwapens hadden afgegeven bij een toegesnelde collega, dribbelden we in de richting van de jachten. In de haast hadden we nog wel even reddingsvesten aangetrokken. Terwijl we naar de jachten dribbelden keken we uiteraard nog wel even of de man weer boven water kwam. En ja, met enige regelmaat verscheen de man boven water. Samen met mijn collega klommen we op één van de jachten. We probeerden het bootje in het water te laten zakken. Nu leek dat makkelijker gezegd dan gedaan. De schipper van het jacht had een aantal flinke zeemansknopen in het touw van het bootje gelegd. En wij, als niet zeelieden, hadden toch wel wat moeite met deze knopen. Het moest dan maar via een andere weg! Ik haalde mijn zakmes uit mijn broekzak en sneed de touwen, waarmee het bootje, vasthing door. Heel rustig lieten we het bootje zakken in het water. Voorzichtig stapten we één voor één in het bootje. We stapten echt heel rustig in. We wilden voorkomen dat we aan de andere kant van het bootje in het water zouden vallen. Het bootje bleek iets minder hard te zijn opgeblazen dan dat we hadden gedacht. Direct na het in stappen gutste het eerste water al over de rand. En ja, ons natte pak hadden we te pakken! Nog even probeerden we om de motor van het bootje te starten, maar dat bleef zonder resultaat. Later zou ook blijken waarom! Dan maar roeien, gewoon ouderwets handwerk. Door de stroming was dat, voor mijn collega, best nog een klus, maar heel langzaam kwamen we dichterbij. Telkens kwam de man even boven water en verdween dan weer. Hoe dichter we bij hem kwamen, hoe meer bleek dat de man niet gered wilde worden. Uiteindelijk begon de man te schelden en riep dat we weg moesten gaan. Het werd duidelijk dat de man zichzelf probeerde te verdrinken, maar op een of andere manier is dat toch moeilijker dan gedacht. Onze intenties waren anders! Het was de bedoeling dat wij de man uit het water probeerden te halen en ook dat bleek lastiger dan gedacht. Op een gegeven moment waren we dichtbij genoeg en precies op het moment dat hij zijn hoofd boven water uitstak pakten we de man vast. Het vastpakken lukte, maar het vasthouden was weer een tweede. De man zette zich af tegen het lekke bootje en verdween weer onder water. In het bootje vond ik een pikhaak. En die bleek in dit geval erg goed van pas te komen. De man moest op een gegeven moment zijn hoofd weer even boven water steken om naar lucht te happen en daar zaten ook nog steeds die twee vervelende dienders die hem wilden redden. Mijn collega wist aan één van de handen van een man een handboei te bevestigen en ik wist op de één of andere manier de pikhaak in zijn broek te slaan. De pikhaak haakte zo dat hij de man niet verwondde, maar dat hij later met moeite losgemaakt kon worden van zijn broek. We hadden de man vast en we lieten hem niet meer los! Wat er ook zou gebeuren! We hadden de man nu wel vast, maar we moesten weer terug naar de kant. Voorzichtig manoeuvrerend pakte ik ook de hand met de handboei van de man, want te veel wiebelen leverde veel beweging van het bootje op. En dat wiebelen leverde weer een plons water in het bootje op. Nou ja, nat waren we toch al! Voorzichtig peddelde mijn collega naar de kant waar we werden opgewacht door collega’s, brandweer en ambulance. De man werd door het personeel van de brandweer handig uit het water gehaald. Het personeel van de ambulance verpakte de man in een warme deken en vervoerde hem naar het ziekenhuis. (Inclusief de handboeien van de collega) Wij werden door collega’s vakkundig uit het bootje gehesen en veilig op de kant gezet. Na een tijdje kwam ook de eigenaar van het bootje nog even bij ons en zijn vraag was: “Wat doen jullie met mijn boot?” Wij legden de man uit dat wij zijn bootje hadden gebruikt voor de redding van een drenkeling. Daar hadden we, vertelde hij, altijd zijn toestemming voor. We mochten, als het nodig was, zijn bootje altijd gebruiken. Wij hebben, met een lachend gezicht en een dikke knipoog, nog wel even gevraagd of hij wilde zorgen dat het bootje goed was opgeblazen en dat er benzine in de motor zat. Het maakte het allemaal een stuk makkelijker. Een opgeblazen rubberbootje met een buitenboordmotor met een volle tank. Schipper bedankt voor het lenen van uw iets wat lekke bootje!