Reflectie in Blauw POLITIEWERK BLIJFT MENSENWERK
PTSS/STRESS
TERUG NAAR DE INDEX
  • INLEIDING
    In april 2009 werd ik ziek. Ik kreeg een vervelende beroepsziekte. Ik werd getroffen door PTSS (Posttraumatisch Stressstoornis) Een ziekte die de mensen wel kennen van militairen die terugkomen uit oorlogsgebieden. De ziekte ontstaat door het blootgesteld worden aan schokkende gebeurtenissen of traumatische ervaringen. Zoals ik als schreef ben ik al 20 jaar werkzaam binnen de politie en heb bijna mijn hele carrière doorgebracht op straat. In de surveillancedienst, bij de bereden politie, met teams de overlast van verdovende middelen en prostitutie bestrijden. Ook heb ik veel gewerkt in wijken waar de overlast heel hoog was en er soms weinig tijd was om na te denken waar je nu mee bezig was. Misschien was het soms ook wel makkelijk om daar niet over na te hoeven denken. Je hoefde dan niet stil te staan bij alle ellende die je zag. Ik had nooit gedacht dat ik getroffen zou worden door PTSS. Ik kende PTSS wel, maar ik zou het toch niet krijgen. Iemand anders wel!. Ik was toch groot en sterk en ik had toch alles al gezien? Alles in mijn werk was toch normaal? Als iemand dood gaat, door een aanrijding, door een schiet- of steekpartij, of het nu een volwassene is of een kind, het is toch normaal! Daar zijn we toch voor opgeleid, daar zijn we toch voor geselecteerd! Waar anderen voor weglopen, horen wij toch op te pakken, hoe vies of hoe vervelend de klus ook is. We doen het allemaal gewoon. Ja, je leest het goed! Wij doen dat GEWOON! Maar nu vraag ik me wel eens af, of ons werk zo gewoon is! Hoe kan het zijn dat ons brein het allemaal zo normaal vind! Zijn we er aan gewend? Geven we niet toe aan onze emoties? Stoppen we onze emoties weg, omdat we anders niet meer kunnen werken? Wat is dat toch! Waarom praten we zo slecht over onze emoties!
  • VERANDERING
    Ik heb in de afgelopen jaren gemerkt dat ik alles gewoon begon te vinden! Ik heb weleens gezegd dat ik ging lijden aan beroepsdeformatie. Niets was meer raar! Alles was gewoon! Ik kwam thuis en als men vroeg of ik nog iets had meegemaakt, kon ik uit het diepst van mijn hart zeggen: “Nee, hoor! Eigenlijk niets bijzonders.” Terwijl ik weer eens aan het reanimeren was geweest, bij een dodelijk schietpartij had gestaan of met mijn handen in een gapende wond van een slachtoffer had gezeten. HOEZO NIETS BIJZONDERS! Ik begon te merken dat mensen, die niets met de politie te maken hadden, daar soms heel vreemd op konden reageren. Ik was dan zelf heel verbaasd, want het was toch heel gewoon wat ik deed? Of niet?? Na 18 jaar besloot ik om de grote stad met al zijn prachtige en minder mooie dingen achter mij te laten. Ik vond dat ik lang genoeg had gewerkt in de hectische wereldstad. Ik kwam terecht in een gebied waar het veel rustiger was en waar de normen en de waarden van mensen iets anders lagen, dan waar ik vandaan kwam. Hier staken de mensen nog hun hand op. Niet met een middelvinger, maar een hand met vijf vingers en die ging heen en weer! Wat een verademing! Hier ging ik me realiseren dat ik was veranderd. Ik bekeek iedereen met argwaan. Ik was nog steeds gespitst op de procedures, want alleen met procedures werk je veilig. Ik merkte dat ik begon te veranderen. Ik merkte dat ik niet meer kon werken zoals ik dat altijd had gedaan. Ik begon me te irriteren. Ik irriteerde me aan mijzelf, omdat ik niet meer functioneerde als vroeger. Mijn hersenen beseften zich dat wat ik de afgelopen jaren had gezien niet normaal was. Ik merkte dat ik steeds korter voor de kar ging staan. Steeds meer geïrriteerd ging raken. Gefrustreerd misschien! Soms was ik in staat om iemand, jongeren, over een bankje in een park te trekken, omdat ze zich misdroegen. Was ik aan het veranderen? Ach, het hoorde erbij! Verandering van werkplek! Ik moest even wennen! Ik ging door met werken, want dit hoorde er toch bij! Komt wel goed! Eigenlijk kwam het niet goed. Voor de buitenwereld was ik nog steeds de vrolijke collega die ik altijd al was geweest. Ik probeerde dat ook vol te houden en dat lukte aardig. Maar ik merkte voor mijzelf dat ik steeds verder wegzakte. De lust in mijn leven liep heel langzaam uit mij weg. Heel langzaam! Ik raakte de controle kwijt over dingen waar ik altijd grip op had gehad! Mijn emoties? Ik denk het wel!
  • EMOTIES OP HET WERK
    Ik weet dat vele collega’s heel veel meemaken en ik weet dat veel collega’s dingen zien, ruiken, voelen die velen in deze wereld nog nooit hebben meegemaakt. Ik weet ook dat heel veel dingen diep in ons hart pijn doen en dat we soms in een klein stil hoekje staan te huilen, omdat we niet willen dat anderen ons zien huilen. Ik weet ook dat veel collega’s bedrijfsmaatschappelijk werk of psychologen eng vinden, maar geloof me, dat zijn ze niet. Ze zijn er om ons te helpen. En eigenlijk kunnen we alleen onszelf helpen als we in de problemen zitten. En soms mogen we best zeggen dat we er zelf niet meer uitkomen en dat we hulp nodig hebben. We kunnen alleen ons zelf helpen als we soms gewoon tegen onszelf zeggen, dat we eigenlijk helemaal niet zo’n makkelijk beroep hebben. Dat we dingen doen die eigenlijk helemaal niet zo normaal zijn! En we mogen soms best verdriet hebben en boos zijn om de dingen die we zien en meemaken!
  • KEERPUNT
    Op een mooie zondag in april wilde ik pannenkoeken gaan bakken. Ik stond in de keuken en mijn vrouw was bezig in de woonkamer. Ik had het meel in een beslagkom gedaan en ik had de melk al toegevoegd. Ik gebruikte een mixer met twee losse gardes, die je in de mixer moest doen. Ik was net begonnen met het mixen van het beslag toen opeens een van de gardes los liet. Je kent dat wel! Dit was voor mij de genadeslag. Hierdoor raakte ik alle controle kwijt. Ik ben compleet uit mij plaat gegaan! Ik heb de complete mixer vernield en de beslagkom lag geheel aan diggelen tegen de muur en het beslag zat door heel de keuken. Ik heb alles bij elkaar gescholden en ik heb heel hard staan huilen in de keuken! Ik was kapot! Mijn vrouw heeft uiteindelijk alles weer opgeruimd in de keuken. Ik moest die nacht gaan werken en ik ben gewoon naar het bureau gegaan. Ik heb me omgekleed en ik verscheen gewoon om de dienst te beginnen. Ik deed alsof er niets aan de hand was. Nog voor de dienst kwam er een collega naar mij toe, die vroeg of het wel goed met mij ging. Normaal zou ik deze vraag met een wedervraag hebben beantwoord: “Met mij gaat het goed. Maar hoe is het met jou??” Deze keer niet. Ik weet niet waarom, maar ik vertelde dat ik niet begreep waarom ik op mijn werk was en dat het niet zo goed met mij ging. Volgens mij ben ik ook heel erg afwezig geweest. De collega heeft mij naar huis gestuurd en tot op heden ben ik nog steeds niet helemaal terug op mijn werk. Ik kwam thuis en heb mijn vrouw verteld wat er aan de hand was en dat ik hulp nodig had om uit deze situatie te komen. Mijn eerste stap om toe te geven dat er iets aan de hand was had ik gezet. En nu de volgende! De volgende dag heb ik een psychologe gebeld, waar ik al vaker contact mee had gehad. Ik kende haar en ik had behoefte om te praten. Ik dacht ik al snel weer terug zou zijn op de werkvloer. Een paar gesprekken en dan was het weer over. Ik dacht er geloof ik iets te simpel over.
  • NATUURLIJK HERSTEL/VEERKRACHT
    Het politiewerk is als hoog risicoberoep aangemerkt. In ons politiewerk komen we zaken tegen waar vele van de gewone burgers nooit mee in aanraking komen. Van ons wordt verwacht dat we een stap voorwaarts doen. En dat doen we ook Ondanks het zware en intensieve werk dat politiemensen en andere hulpverleners uitvoeren blijven de meesten hun hele carrière optimaal functioneren. Zij ondervinden geen hinder van het werk dat zij doen. Niet iedereen die een traumatisch incident meemaakt, tijdens zijn of haar werk, zal daar ziek van worden. Uit diverse onderzoeken blijkt dat politiemensen goed zijn voorbereid op het werk dat zij uitvoeren, maar het kan altijd nog beter. Het wil niet zeggen dat we na een heftig incident daar steeds aan terugdenken of er van dromen, maar korte stress-reacties zijn normaal. Het is een natuurlijke reactie op een abnormale gebeurtenis. We moeten er ons van bewust zijn dat ons lichaam en onze hersenen een groot natuurlijk herstellingsvermogen hebben. Duren de onaangename reacties te lang en blijven vervelende herinneringen komen zoek dan hulp. Je kunt onder andere terecht bij je bedrijfsarts of bij bedrijfsmaatschappelijk werk.
  • FLASHBACKS EN NACHTMERRIES
    In plaats van dat het beter ging werd het alleen maar slechter. Ik ging slechter slapen en ik werd wakker van nachtmerries en herbelevingen. De herbelevingen waren soms zo realistisch dat ik gillend en schreeuwend wakker werd of wakker werd gemaakt door mijn vrouw. Ik stond soms midden in een vechtpartij en was dan aan het slaan en schoppen. Ik kon door een geluid worden teruggebracht naar een dodelijk ongeval met een kind. En dan zat ik weer met een dood kindje op mijn schoot bij een ongeluk. Af en toe als ik bij iemand naar binnen stapte , was ik ineens weer in een woning waar ik had gereanimeerd. Ik was dan niet echt terug in de woning, maar wel in mijn hoofd. Mijn hersenen speelden gewoon de situatie nog een keer af. Zo levensecht! Ik kon mij herinneren wat er op tafel stond, welk tapijt er op de vloer lag, hoe mensen eruit zagen. Gewoon, alsof ik weer terug was op die plek. Terwijl dingen zich soms 18 jaar daarvoor hadden afgespeeld. Ik ging niet meer naar verjaardagen, omdat het lawaai wat daar was mij terugbracht naar heftige incidenten met veel lawaai. Dus ik ging niet meer weg. Ik kreeg minder contact met vrienden en met collega’s. Ik weet dat ik ze het afgelopen jaar heb verwaarloosd! Ik zat soms in een hoekje in huis te huilen over de dingen die ik had gezien en meegemaakt. Je kunt soms niet uitleggen hoe je je dan voelt.
  • POST TRAUMATISCHE STRESS STOORNIS
    PTSS is een psychische aandoening die is ingedeeld bij de angststoornissen. PTSS wordt veroorzaakt door ernstige stressgevende situaties, waarbij er sprake is van levensbedreiging, ernstig lichamelijk letsel of een bedreiging van de fysieke integriteit. Die zijn voor de personen traumatisch. Iedere politieman/vrouw komt hier in zijn carrière wel minimaal een keer mee in aanraking. PTSS is een angststoornis en moet je niet verwarren met een normaal verwerkingsproces na een traumatische gebeurtenis. Voor de meeste mensen verdwijnen de emotionele gevolgen van een schokkend of een traumatisch incident na enkele weken of maanden. Als deze langer duren, zou er sprake kunnen zijn van een psychische aandoening. Als deze stoornis niet wordt behandeld, kan deze zeer ernstige vormen aannemen. Symptomen van PTSS De symptomen van PTSS zijn herbeleving (nachtmerries of flashbacks), vermijding van herinneringen of emotionele uitschakeling hiervan, verlies van levenslust of een zwaar terneergeslagen stemming, ernstig prikkelbaar, slaapstoornissen, extreme spanning als gevolg van bepaalde prikkels, irritatie en hevige schrikreacties. Criteria voor PTSS Je bent blootgesteld aan een traumatische ervaring waarin beide gevallen zich hebben voorgedaan: Je bent geconfronteerd met een gebeurtenis die levensbedreigend is, waarin je ernstig letsel zou kunnen op lopen of die de lichamelijke integriteit van jou of anderen in gevaar brengt. De reactie van jou is intense angst, hulpeloosheid of afschuw. Je herbeleeft je traumatische ervaring op minstens één van de volgende manieren: Je hebt een herhaalde en ingrijpende onaangename herinnering aan de gebeurtenis, waaronder beelden, gedachten of waarnemingen. Je hebt herhaalde verontrustende dromen van de gebeurtenis. Je hebt gedrag of gevoelens alsof de traumatische gebeurtenis zich herhaalt (inclusief het gevoel de gebeurtenis opnieuw te beleven, illusies, hallucinaties, en flashbacks) met inbegrip van flashbacks die optreden als je wakker bent of als je onder invloed zou zijn. Je hebt intense psychologische spanning bij blootstelling aan interne en externe prikkels die te maken hebben met het trauma of die op het trauma lijken. Je hebt fysiologische reacties op blootstelling aan interne of externe prikkels die te maken hebben met het trauma of die op het trauma lijken. Je vermijdt aanhoudend de prikkels die je aan het trauma doen denken of afstomping van het reactief vermogen (niet aanwezige zijn voor het trauma), wat blijkt uit drie of meer van de volgende criteria: Je doet pogingen tot het vermijden van gedachten, gevoelens of gesprekken die je aan het trauma doen denken. Je doet pogingen tot het vermijden van activiteiten, plaatsen of mensen die herinneringen aan het trauma oproepen. Het lukt je niet om belangrijke aspecten van het trauma te herinneren. Je hebt duidelijk verminderde interesse of deelname aan belangrijke activiteiten. Je hebt het gevoel dat je nergens meer bij hoort en vervreemdt van anderen. Je hebt een beperkt gevoel van affectie (bv. Je bent niet mee in staat om gevoelens van liefde te hebben.) Je hebt een gevoel een beperkte toekomst te hebben (bv. Geen verwachting van carrière, huwelijk, kinderen of een normale levensduur) Je hebt een aanhoudend gevoel van verhoogde prikkelbaarheid (wat je daarvoor niet had), wat blijkt uit twee of meer van de volgende punten: Je hebt moeite met inslapen of doorslapen Je hebt woede-uitbarstingen of je bent snel geïrriteerd Je hebt concentratieproblemen Je bent extreem waakzaam Je hebt ernstige schrikreacties Als je meer dan een maand last hebt van meerdere voorgenoemde verschijnselen zou je last kunnen hebben van een stress-gerelateerde ziekte of van een Posttraumatische Stressstoornis. Dit moet wel vastgesteld worden door een deskundige. Een stressstoornis kan ernstig lijden of beperkingen in het sociaal of beroepsmatig functioneren of op andere terreinen veroorzaken.
  • BEHANDELING
    De gesprekken met de psycholoog deden mij goed. Na een aantal sessies bij de psycholoog werd geconstateerd dat ik PTSS had. Voor mij een klap in mijn gezicht, maar toch ook een opluchting. Eindelijk had datgene dat ik had een naam. En ik weet dat je PTSS kunt behandelen. Ik weet ook dat het een lange weg kan zijn. En dat is het ook! Het is soms zwaar, maar ik weet nu dat ik er weer bovenop kan komen. Door de psychologe werd ik doorverwezen naar een andere psychologe in de praktijk die was gespecialiseerd in de behandeling van onder andere PTSS. Zij doet dit door een speciale techniek. Zij behandeld mij op dit moment door middel van Eye Movement Desensitization and Reprocessing (EMDR). Niemand weet nog precies hoe het werkt, maar het werkt. Ik merkte wel dat heel veel dingen mij dwars zaten. Ik schreef incidenten op. En het waren er veel meer dan ik had gedacht. Incidenten waarvan ik had gedacht dat ik ze al was vergeten kwamen weer naar boven en ik heb daardoor flashbacks en nachtmerries. Deze worden nu minder en ik kan mijn gewone leven weer een beetje oppakken. Door de hulp van mijn psychologen komt mijn leven weer terug! Anders, maar het komt weer terug! Ik ben ze daar dankbaar voor! Ik merk ook dat het niet alleen maar incidenten zijn, maar soms ook onvrede over de organisatie waarin ik werk! Het onbegrip van chefs, korpsleiding over wat wij doen. Het onbegrip en de agressieve houding van burgers naar mij (ons politiemensen) toe. Op een gegeven moment komen veel dingen bij elkaar en je komt in een neerwaartse spiraal die je zelf bijna niet meer kunt doorbreken. Ik ben zelf altijd erg positief ingesteld, maar ik merkte soms dat dat niet meer ging. Ik heb ook gesprekken met onze bedrijfsmaatschappelijk medewerkster gehad. Het is heerlijk om met haar te sparren. Ik kon haar vertellen hoe ik over bepaalde dingen binnen de politieorganisatie dacht. Ook dat luchtte op. Soms kon ze me terugzetten op mijn plek en kon ik weer door met het leven! Soms gaat niet alles zo als je had gedacht, maar het leven blijft te mooi.
  • EMDR (Eye Movement Desensitization and Reprocessing)
    EMDR is een therapeutische interventietechniek die voornamelijk wordt toegepast bij mensen met een Posttraumatische Stressstoornis (PTSS). Deze therapie is ontwikkeld door Francine Shapiro en bestaat sinds eind jaren ’80. Een belangrijk element is het telkens veranderen van je aandacht. Je kunt dit doen door middel van oogbewegingen of door middel van geluiden (klikken of piepjes). Het is nog niet goed bekend waarom EMDR werkt, ook al is er wetenschappelijk onderzoek naar gedaan. Vaak wordt EMDR toegepast om de vastgelopen verwerking bij traumatische ervaringen weer op gang te helpen. Verloop van een sessie EMDR wordt in diverse stappen gedaan. Je krijgt als eerste een intakegesprek. Hier kun je kennis maken met de psycholoog en hij/zij met jou. Tijdens zo’n gesprek wordt ook besproken wat jou bezig houdt en welke trauma’s jij hebt meegemaakt. EMDR kan veel bij je losmaken, dus wordt eerst bekeken of je wel stevig genoeg in je schoenen staat. Er wordt gevraagd of je aan een positief beeld wilt denken. Via de technieken wordt dit beeld dan versterkt, hierdoor ontstaat een veilige plek waar je op terug kunt vallen als de sessie te heftig is. Hierna wordt er gevraagd of je aan het moment wilt denken dat de meest emotionele reactie geeft. Dit kunnen hele verschillende reacties of emoties zijn. Woede, walging, verdriet of een angst. Vervolgens worden er vijf vragen aan je gesteld over het beeld wat je voor ogen hebt. Wat denk je over je zelf (in negatieve zin) Wat zou je willen denken over jezelf in dit beeld (positief) Welke emotie voel je Wat voel je in je lichaam Hoe rot voelt dit op een schaal van 0 tot 10 (De SUD-score) Hierna wordt begonnen met de sessie zelf. Er wordt gevraagd of je aan het moment wilt denken dat je hebt uitgekozen. Je hoort dan de klikjes of de piepjes. In je gedachten ga je naar het hoogtepunt van je emotie. Dit kan soms best heftig zijn. Je gaat eigenlijk terug naar het moment dat het incident gebeurde. Soms kan het zijn dat je de emotie bijna weer meemaakt. Maar door de EMDR voel je soms dat de emotie uit je lichaam wegloopt. Na enige tijd vraagt de psycholoog wat je voelt op een schaal van 0 tot 10. Vaak merk je dat je emotie is gedaald. Als je emotie nog niet voldoende is gedaald wordt de sessie met de piepjes of klikjes herhaald. Uiteindelijk merk je dat het incident zo in emotie is gedaald, dat het incident jou geen last meer bezorgt. Je kunt dan leven met het incident, zonder daar nog psychisch last van te hebben. Uiteindelijk wordt je gevraagd welke goede gedachte je hebt bij het incident. Je gaat dan nog een keer terug naar het incident en je sluit het dan af met een goede gedachte. En vaak is de gedachte bij mij:” Ik heb het goed gedaan! Ik had het niet anders kunnen doen.” Vaak wordt er door de psycholoog gevraagd hoe hoog de score is van je goede gedachte over het incident. Als deze voldoende hoog is kun je het incident goed afsluiten. Zo komen bij mij veel incidenten aan bod en kan ik heel veel incidenten afsluiten en een goede plek in mijn leven geven. Ik kan verder met mijn leven en de klachten nemen langzamerhand af. EMDR is zwaar! Vaak ben ik heel moe na een sessie en moet ik echt even heel rustig aan doen. Ik heb soms de behoefte om me even terug te trekken en even de rust op te zoeken. Mijn concentratie is soms na de sessie wat afgenomen, maar dat komt snel weer terug! Met EMDR ben je bezig met het verleden, het heden en je toekomst. Ik merk dat ik er heel veel baat bij heb. Ik ben er mee geholpen en ik weet dat ik er weer sterker uit ga komen.
  • THUISFRONT
    Ik weet ook dat mijn ziekte in het afgelopen jaar twee slachtoffers heeft gemaakt. Niet alleen ik ben slachtoffer van hetgeen ik in mijn werk heb gezien en heb gedaan. Ook mijn vrouw heeft een jaar lang van ellende moeten doorstaan. Soms heb ik medelijden met haar. Zij heeft mij wakker moeten maken als ik weer eens aan het gillen, slaan of schoppen was. Zij heeft altijd naast mij gestaan als ik weer eens in een hoekje zat te huilen. Zij heeft al mijn woede aanvallen moeten opvangen en soms kon zij er niets aan doen, maar was al mijn woede op haar gericht. Ook aan de partners en de kinderen van mensen die PTSS hebben, mag weleens een pluim worden gegeven! Het is namelijk niet makkelijk om met iemand, die PTSS heeft, te leven als die op het dieptepunt zit. Het korps heeft mij het afgelopen jaar heel erg geholpen, door mij te steunen waar ze konden en mij soms met rust te laten, zodat ik dingen kon verwerken. Ik vind het vervelend dat ik mensen in het afgelopen jaar heb verwaarloosd doordat ik geen contact heb gezocht of dat ik het contact heb laten verwateren. Het ligt niet aan mijn vrienden en collega’s, maar ik heb het afgelopen jaar nodig gehad om dingen te verwerken. Ik hoop dat ik in de komende periode heel veel dingen goed kan maken!
  • MIJN DOEL
    Door het maken van deze website hoop ik dat ik meer begrip kan kweken voor diegenen die geconfronteerd worden met PTSS als beroepsziekte. Ik schrijf vanuit mijn ervaringen in zowel mijn werk als tijdens mijn ziek zijn. Ik wil graag mijn ervaringen delen, zodat anderen hier misschien iets mee kunnen doen. Ik probeer naar iedereen heel open te zijn over mijn ziek zijn. Het ziek zijn is niet leuk, maar je kunt er ook iets van leren. Door er veel over te vertellen probeer ik te bereiken dat collega’s, chefs en leidinggevenden beseffen dat ons werk soms zwaar, schokkend en traumatisch kan zijn. Niemand had verwacht dat ik ziek zou worden. Ikzelf op de laatste plaats! Door mijn verhaal probeer ik uit te leggen dat we ons niet hoeven te schamen dat het ons, politiemensen, ook kan overkomen. Dat wij ook getroffen kunnen worden door stress-gerelateerde ziektes. Ook wij zijn mensen. En politiewerk blijft nog steeds mensenwerk!! Ik hoop door mijn openheid en mijn verhaal te bereiken dat er bij de collega’s eerder kan worden constateert dat ze aan een stress-gerelateerde beroepsziekte leiden, waardoor het leed voor de collega en het ziek zijn aanzienlijk kan worden beperkt. Dit is beter voor de collega, maar ook voor de politieorganisatie. Ook moet er vanuit de politieorganisatie meer begrip komen voor de collega’s die worden getroffen door PTSS en andere stress-gerelateerde beroepsziekten. Politiemensen werken hard en worden vaak geconfronteerd met veel geweld en menselijk leed. Het is dan toch ook niet zo gek dat sommige van ons, politiemensen, daar ziek van worden. Eén ding is mij het afgelopen jaar duidelijk geworden. Ik kan op niemand kwaad zijn. Niet op de mensen die de incidenten hebben veroorzaakt, niet op de politieorganisatie en ook niet op mijzelf. Ik weet alleen dat je zelf iets kunt veranderen aan de situatie. Je kunt er alleen zelf iets aan doen en dat begint bij het toegeven dat je hulp nodig hebt. Er zijn mensen die je kunnen helpen! Psychologen en bedrijfsmaatschappelijk werkers zijn er voor ons en willen je graag helpen bij het verwerken. Je kunt er alleen zelf er iets aan doen! Denk je dat je hulp nodig hebt, ga hulp zoeken. Al is het alleen maar voor een gesprek. Beter te vroeg dan te laat!!!