Reflectie in Blauw POLITIEWERK BLIJFT MENSENWERK
BLOGS
WEG EN VERGETEN Nu ik al een aantal jaren weg ben bij de politie denk ik er steeds vaker over na en vorige week werd ik getriggerd door een berichtje op mijn twitterlijn. Het was een tweet over vergeten worden. En weet je, eigenlijk had deze collega gelijk! Wat zou er zijn gebeurd als ik geen contact meer zou hebben gehad met de politieorganisatie en met collega’s? Zou ik zijn vergeten? Zoals zo velen? Of zou ik misschien alleen nog tijdens sterke verhalen op het bureau zijn teruggekomen? Weet je nog vroeger….? Je kent dat wel! Ooit schreef ik de blog „Ik tel niet meer mee!” Toen ik de politieorganisatie verliet vroeg ik aan mijn leidinggevenden wie er verantwoordelijk voor mij zou zijn als het weer mis zou gaan en op wie ik terug zou kunnen vallen. Het antwoord was toen heel duidelijk. Niemand zou ooit nog verantwoordelijk voor mij zijn. Ook niet als ik weer ziek zou worden. Als ik ontslag zou nemen zou ik verdwijnen uit het lijstje, mijn personeelsdossier zou worden gesloten en ik zou uit de telling van vertrokken collega’s zijn verdwenen. Voor mij was dat een onbegrijpelijk iets. Ik had toch jaren in de vuurlinie gestaan net als vele anderen. En vele anderen waren ook verdwenen. We kenden ze van verhalen. Maar wisten we echt hoe het met hen was? Wie maakte zich nog zorgen om hen? Bezochten we ze nog? Toen ik twaalfeneenhalf jaar bij de politie in dienst was dronken we een kop koffie en aten we (als je mazzel had) een gebakje. Je kreeg een besluit van de korpsleiding en ging weer aan het werk. In mijn geval was men het vergeten. Althans ik was uit het lijstje verdwenen. Want tijdens de reorganisatie (1994) was men opnieuw begonnen met tellen. De jaren daarvoor telden blijkbaar niet mee. Het kostte me enige moeite om door te dringen dat ik echt al jaren bij de politie werkte. Uiteindelijk kreeg ik wel het besluit. In die tijd kenden we nog geen medaille voor trouwe en langdurige dienst Nederlandse politie. Nee, gewoon een besluit, kop koffie en weer aan het werk. Op het moment dat de medaille werd ingevoerd vroeg ik hoe de zaken waren geregeld met betrekking tot het medaille-beleid voor collega’s die de twaalfeneenhalf jaar al voorbij waren. Ohh, die kregen hem als zij 25 jaar bij de politie zouden werken. En natuurlijk zou ik die tijd volmaken. Uiteindelijk was dit jammer genoeg niet het geval. Voordat ik mijn 25 jaar vol maakte moest ik door mijn PTSS de organisatie verlaten en had ik geen recht op deze medaille. Ook niet die van twaalfeneenhalf jaar trouwe en langdurige dienst Nederlandse politie. Had ik dan niet al die jaren in de klei gestaan en had ik eigenlijk geen recht op die medaille? Het gaat mij niet speciaal om die medaille, maar wel om de waardering. Soms kan ik hier nog wel over peinzen. En misschien zou de politieorganisatie daar ook eens over na moeten denken. En dan komt er een tijd dat je afscheid neemt. Afscheid na 21 jaar. Ik had me dat iets anders voorgesteld. Na 21 jaar in de kantine afscheid nemen tussen de lopende zaken door, een doos chocolade en een cadeaubon, krijgen voelde voor mij niet echt als een afscheid. Ik heb daarna ook zachtjes de deur van het bureau achter mij dichtgetrokken en ben weggereden. Ik heb nog een keer achterom gekeken en daarna mijn werkgebied verlaten. Het voelde niet als een afscheid. Als dit voor mij het echte verlaten van de politieorganisatie zou zijn geweest dan had ik hier geen fijn gevoel aan over gehouden. En eerlijk gezegd nu eigenlijk ook niet. Het was in ieder geval niet het afscheid dat ik me had voorgesteld. Een bosje bloemen en een klein toespraakje had ik wel passend gevonden of een samenkomst met collega’s en mensen met wie ik alle jaren had samengewerkt. Niet zo even tussen neus en lippen door. Misschien heb ik geluk gehad dat ik op een of andere manier met de politieorganisatie in contact ben gebleven. Door het schrijven van blogs, het mogen meedenken binnen de organisatie over weerbaarheid of het geven van presentaties. Soms gewoon nog even mogen aanschuiven aan een koffietafel binnen een politiebureau. Ik merk dat ik nog steeds wel contact heb met (oud) collega's en de organisatie. Het komt misschien omdat ik nog niet geheel weg ben. Nog altijd zichtbaar in de Sociale Media en op andere plekken, waardoor ik er nog een klein beetje bij hoor. Ik heb het geluk deze contacten te kunnen onderhouden, waar anderen dit misschien moeilijker of niet meer kunnen. Steeds vaker merk ik dat collega’s die voor langere tijd ziek thuis zijn en collega’s die door ziekte niet meer kunnen terugkeren binnen de politieorganisatie het gevoel krijgen dat ze er niet meer bijhoren. Ze voelen zich afgedankt en soms als oud vuil weggezet. Vaak hebben collega’s jaren lang vooraan in de linies gestaan. Ze waren betrokken bij de kroningsrellen, de ramp in de Bijlmer of de vuurwerkramp. Sommige kwamen in aanraking met zaken die ze liever niet hadden willen zien of mee wilden maken, maar het gebeurde omdat het werk dat van hen vroeg. Wat zou het mooi zijn als we collega’s die de dienst hebben verlaten door ziekte of een ongeval het gevoel kunnen geven dat ze er nog bijhoren. Ook jaren later nog! Laten we ze niet het gevoel geven dat ze vergeten zijn. Zij verdienen onze waardering. De waardering voor het werk dat zij jaren hebben verzet onder soms moeilijke omstandigheden. Hoe kunnen we er voor zorgen dat ook zij niet worden vergeten? En zij zich, als ze dat willen, betrokken blijven voelen bij de politieorganisatie. Ik heb (en vele collega’s met mij) het uniform altijd met trots gedragen en had dat, denk ik, nog heel lang willen blijven doen. Ik schrijf over de collega’s, maar misschien voel ik mij heel soms ook wel een van hen. Ik daag mensen/collega’s uit om met mij na te denken. Over hoe we deze politiemensen het gevoel kunnen geven er nog steeds bij te horen. Wie durft en wil deze handschoen samen met mij oppakken?